De autosnelweg

Wat is een autosnelweg?

Begin van een autosnelweg.
  • Aanwijzingsbord F5
  • Aanwijzingsbord F7

Een autosnelweg is een openbare weg die je herkent aan dit blauwe verkeersbord. Het is een voorrangsweg, waar je nooit verkeerslichten zal tegenkomen.

Op een autosnelweg mogen alleen motorvoertuigen rijden, met uitzondering van:

  • landbouwvoertuigen
  • vierwielige motorvoertuigen zonder passagiersruimte, zoals een quad
  • bromfietsen

De middenberm gebruiken, keren, achteruitrijden of tegen de rijrichting in rijden is verboden.


Hoe snel mag je rijden op een autosnelweg?

De algemene regel op de autosnelweg

De maximaal toegelaten snelheid op een autosnelweg is 120 km/u.

De maximaal toegelaten snelheid op een autosnelweg is 120 km/u. 

Maar op een autosnelweg is ook een minimumsnelheid: je moet minstens 70 km/u rijden, behalve wanneer verkeersborden een lagere snelheid opleggen of wanneer de omstandigheden dat onmogelijk maken.

Je moet altijd rekening houden met de omstandigheden. Bij felle regen, sneeuw of mist pas je je snelheid aan, maar ook in andere situaties waarin het verkeer of het wegdek dat vereist.

Een lagere snelheid op de autosnelweg

De snelheid kan beperkt zijn op een autosnelweg.

Een andere maximaal toegelaten snelheid kan opgelegd worden met een extra verkeersbord. Dat kan een vast bord, waardoor de aangeduide snelheid altijd geldt.

Voorbij dit bord mag je in dit voorbeeld maximaal 90 km/u rijden.

Dynamische rijstrooksignalisatie op de autosnelweg.

Dit kan ook met een elektronisch verkeersbord. De opgelegde snelheid geldt dan alleen wanneer het bord verlicht is. 

Voorbij zo’n bord mag je in dit voorbeeld maximaal 90 km/u rijden.


Snelheid op een afrit

De snelheid kan beperkt zijn op de afrit van een autosnelweg.

Op sommige afritten zie je een snelheidsbord met een pijl eronder. Dat betekent dat de opgelegde snelheid alleen geldt op de afrit. 

In dit voorbeeld mag je op de afrit maximaal 70 km/u.


Smog

Smog is vervuilde lucht door ozon en fijnstof die schadelijk is voor je gezondheid.

Wanneer de luchtkwaliteit te slecht is, kan er een smogalarm worden afgekondigd. Dan wordt de maximaal toegelaten snelheid op vele delen van de autosnelweg beperkt tot 90 km/u. 

Dit kan met vaste borden zoals dit bord, maar ook met elektronische borden.


Wat is een spitsstrook?

Een spitsstrook.

Een spitsstrook is een extra rijstrook die niet altijd gebruikt mag worden. Je herkent ze aan de langere witte markeringen.

Of je er wel of niet op mag rijden, wordt aangeduid met dynamische rijstrooksignalisatie boven de rijstroken. Dat zijn elektronische borden die ook de maximaal toegelaten snelheid kunnen tonen, zoals je eerder al zag.

Toont het bord een groene pijl, dan moet je op de spitsstrook rijden. Toont het een rood kruis zoals in dit voorbeeld, of is het bord volledig gedoofd, dan mag je niet op de spitsstrook rijden.

Een pijl die aangeeft dat je de spitsstrook moet verlaten.

Om te vermijden dat je halsoverkop van rijstrook moet wisselen, wordt een afgesloten spitsstrook meestal vooraf aangekondigd met een oranje pijl. Zo weet je dat je verderop niet meer op de spitsstrook mag rijden en kan je tijdig en veilig van rijstrook veranderen. 

Diezelfde dynamische rijstrooksignalisatie kan ook gebruikt worden om andere rijstroken af te sluiten, bijvoorbeeld wanneer een ongeval de rijbaan verspert.


Wat zijn op -en afritten?

Wat is een oprit?

Een oprit van een autosnelweg.

Een autosnelweg rijd je op via een oprit. Dat is een lange strook waar je eerst voldoende snelheid kan maken om daarna veilig in te voegen. Je hoeft daarbij niet altijd tot het einde van de oprit te rijden als dat niet nodig is.

Een autosnelweg een voorrangsweg. Als je wil invoegen, moet jij dus voorrang geven aan de bestuurders die al op de autosnelweg rijden. Er wordt dus nooit geritst op de oprit van de autosnelweg.

Rij je op de autosnelweg en heb je net een wagen ingehaald terwijl een andere bestuurder wil invoegen? Dan mag je nog even op de linkerrijstrook blijven rijden. Dat is niet alleen hoffelijk rijgedrag, maar ook veiliger. 

Wat is een afrit?

Een afrit van de autosnelweg.

Een autosnelweg verlaat je via een afrit. Dat is een lange strook die je de kans geeft om veilig af te remmen.

Rij de afrit dus meteen op waar die begint en rem pas af op de afrit zelf.


Wat is een verkeerswisselaar?

Een verkeerswisselaar.

Behalve op- en afritten kan je op een autosnelweg ook een verkeerswisselaar tegenkomen. Dat is een plaats waar twee autosnelwegen samenkomen en je dus van de ene naar de andere kan rijden. 

In dit voorbeeld bevindt de verkeerswisselaar zich 1600 meter verder.


Heb je pech op de autosnelweg?

Is er een pechstrook?

Een pechstrook.

De pechstrook ligt rechts van de rijbaan, naast de doorlopende wegmarkering. 

Je mag er niet op rijden, niet stilstaan en niet parkeren. Alleen bij pech of een ongeval mag je de pechstrook gebruiken. 

In noodgevallen bel je het internationale noodnummer 112. Het is belangrijk dat je dit nummer kent.

Even stoppen op de pechstrook om je GPS in te stellen of je gsm te gebruiken is verboden.

Is er geen pechstrook?

Een vluchthaven.

Is er geen pechstrook omdat er bijvoorbeeld een spitsstrook is? Probeer dan een vluchthaven te bereiken. Dat zijn korte stroken rechts van de spitsstrook. 

Lukt het niet om een vluchthaven te bereiken? Zet je auto dan zo ver mogelijk rechts op de spitsstrook, zet beide richtingaanwijzers aan en verlaat je auto bij voorkeur langs de passagierskant. 

Sta je veilig achter de vangrail, bel dan 112 zodat de spitsstrook kan worden afgesloten. 


Je gevarendriehoek plaatsen

Op een autosnelweg plaats je je gevarendriehoek op minstens 100 meter voor je voertuig.

Heb je pech of een ongeval op de autosnelweg? Plaats dan zo snel mogelijk je gevarendriehoek op minstens 100 meter achter je auto.

Deze moet zichtbaar zijn voor aankomend verkeer vanop minstens 50 meter.

Let op het verschil tussen de afstand waarop je de gevarendriehoek moet plaatsen en de afstand vanwaar deze zichtbaar moet zijn.

Een fluohesje

Een fluohesje of fluovestje draag je om zeker zichtbaar te zijn.

Stap je uit, dan moet je een fluohesje dragen. Je bent dus verplicht om dit bij te hebben. Voor passagiers is het niet verplicht, maar voor de veiligheid wel sterk aan te raden. 

Ga voor je eigen veiligheid altijd achter de vangrail staan. In de auto blijven zitten is levensgevaarlijk.


Je auto kan niet meer rijden?

Een auto op een takelwagen.

Kan je auto niet meer rijden en heb je jezelf en je passagiers in veiligheid gebracht? Bel dan zo snel mogelijk 112. Zij sturen een takeldienst ter plaatse.

Het is verboden om een vriend te bellen en zelf proberen te slepen met een nood- of hulpkoppeling op de autosnelweg.


Wat is een reddingsstrook?

Een reddingsstrook geeft de hulpdiensten een vrije doorgang, zodat ze sneller ter plaatse geraken. Een reddingsstrook vormen is verplicht als:

  1. er minstens twee rijstroken in dezelfde rijrichting zijn
  2. er filevorming is

Dit geldt niet alleen op de autosnelweg, maar ook op gewone wegen en zelfs binnen de bebouwde kom. Belangrijk is dat de reddingsstrook wordt gevormd voor het verkeer volledig stilstaat, ook al nadert er nog geen prioritair voertuig.

Hoe een reddingsstrook vormen als er 2 rijstroken zijn.

Zijn er twee rijstroken? Dan stoppen de bestuurders in de linkerrijstrook zo ver mogelijk links en de bestuurders in de rechterrijstrook zo ver mogelijk rechts.

Hoe een reddingsstrook vormen als er 3 rijstroken zijn.

Zijn er meer dan twee rijstroken? Dan stoppen de bestuurders in de linkerrijstrook zo ver mogelijk links en de bestuurders in de andere rijstroken zo ver mogelijk rechts.

Om een reddingsstrook te vormen blijf je zo veel mogelijk binnen je eigen rijstrook. Je mag daarbij in principe geen gebruik maken van de pechstrook, de busstrook, het fietspad, enzovoort.

Wat is ritsen?

Soms valt er een rijstrook weg of wordt hij versperd door een ongeval of wegenwerken. Als aan deze drie voorwaarden voldaan is, ben je verplicht om te ritsen:

  1. er zijn minstens twee rijstroken in dezelfde rijrichting
  2. er is een vermindering van het aantal rijstroken
  3. het verkeer is sterk vertraagd

Dit geldt niet alleen op de autosnelweg, maar ook op gewone wegen en zelfs binnen de bebouwde kom.

Als er 1 rijstrook wegvalt en ritsen is verplicht, mag de bestuurder op de wegvallende rijstrook eerst.

Zijn er twee rijstroken waarvan er één wegvalt? Dan mag de bestuurder op de wegvallende rijstrook eerst en daarna de bestuurder op de andere rijstrook.

Als er 2 rijstroken wegvallen, mag de bestuurder op de rechtse rijstrook eerst, daarna links en dan de middelste.

Vallen er twee rijstroken weg? Dan ritsen de bestuurders in deze volgorde: eerst de rechtse rijstrook, daarna de linkse en tot slot de middelste rijstrook.

Bestuurders op de wegvallende rijstrook moeten tot vlak voor de versmalling doorrijden. Je mag dus niet zomaar eerder invoegen. Op een autosnelweg wordt er tijdens het invoegen nooit geritst.

Verkeersborden

Je moet het type en betekenis van elk verkeersbord kennen, weten voor wie het geldt en op welk deel van de rijbaan het van toepassing is. Het nummer van het bord hoef je natuurlijk niet te kennen.

  • Aanwijzingsbord F5

    Aanwijzingsbord F5

    Begin of oprit van een autosnelweg.

  • Aanwijzingsbord F7

    Aanwijzingsbord F7

    Einde van een autosnelweg.

  • Verbodsbord C43Verbodsbord C43Verbodsbord C43

    Verbodsbord C43

    Vanaf het verkeersbord tot en met het volgende kruispunt geldt een verbod om sneller te rijden dan de aangeduide snelheid.

  • Verbodsbord C43Verbodsbord C43Verbodsbord C43

    Verbodsbord C43

    Vanaf het verkeersbord tot en met het volgende kruispunt geldt een verbod om sneller te rijden dan de aangeduide snelheid.

    Onderbord GXI

    Onderbord

    Het bovenstaand verkeersbord heeft enkel betrekking op de uitrit rechts van de rijbaan.

  • Verbodsbord C43Verbodsbord C43Verbodsbord C43

    Verbodsbord C43

    Vanaf het verkeersbord tot en met het volgende kruispunt geldt een verbod om sneller te rijden dan de aangeduide snelheid.

    Onderbord na-200m

    Onderbord

    Wat het hoofdbord aangeeft, begint ongeveer 200 meter verder.

  • Aanwijzingsbord F98

    Aanwijzingsbord F98

    Vluchthaven.


Klaar om te oefenen?

Je hebt dit onderdeel afgerond. Test je kennis met 83 oefenvragen.

Oefenvragen starten