Inhalen
Wat is inhalen?

Onthoud dat we enkel van inhalen spreken als het andere voertuig in beweging is.
Rijdt er voor jou iemand trager dan de maximaal toegelaten snelheid, dan mag je dat voertuig inhalen. In de regel doe je dat langs links, maar verderop zal je zien dat er ook uitzonderingen bestaan.
Staat er een voertuig stil of geparkeerd op de rijbaan en moet jij er voorbij? Dan spreken we niet van inhalen, maar van voorbijrijden.
Wat is geen inhalen?
Aanwijzingsborden

Als je deze aanwijzingsborden ziet en een rijstrook gekozen hebt die past bij jouw bestemming, spreken we niet meer van inhalen.
Er kan dus zonder probleem een bestuurder rechts van jou sneller rijden.

Ook als je deze aanwijzingsborden ziet en een rijstrook gekozen hebt die past bij jouw bestemming, spreken we niet meer van inhalen.
Binnen de bebouwde kom

Is er meer dan één rijstrook in jouw rijrichting en rij je binnen een bebouwde kom? Dan mag je een rijstrook kiezen die het best past bij jouw bestemming en dan spreken we ook niet meer van inhalen.
File of druk verkeer

Is er file of druk verkeer? Dan spreken we ook niet meer van inhalen.

Bij file of druk verkeer mogen motorfietsen tussen de rijstroken rijden. We spreken dan ook niet meer van inhalen.
Op autosnelwegen en autowegen met meer dan twee rijstroken mag dat enkel tussen de twee meest linkse rijstroken.
Bovendien mogen ze niet sneller rijden dan 50 km/u en maximaal 20 km/u sneller dan het overige verkeer.
Inhalen kan verboden worden door wegmarkeringen
Witte wegmarkeringen

Is er een witte onderbroken streep? Dan mag je inhalen.

Is er een witte onderbroken streep aan jouw kant, met daarlangs een doorlopende witte streep? Ook dan mag je inhalen.

Maar let op, als de doorlopende witte streep aan jouw kant is, mag je niet inhalen.

Ook als er enkel een doorlopende witte streep is, mag je niet inhalen.
Gele wegmarkeringen

Gele wegmarkeringen worden gebruikt tijdens wegenwerken, dit zijn tijdelijke markeringen. Als je deze ziet, zijn de witte markeringen op die plaats niet meer geldig.
Zie je dus een gele doorlopende streep, dan mag je niet inhalen.

Zelfs als je een witte onderbroken streep hebt aan jouw kant, met daarlangs een gele doorlopende streep, mag je niet inhalen.
De witte wegmarkering is niet meer geldig.
Inhalen kan verboden worden door verkeersborden

Voorbij dit verbodsbord mag je geen gespan of voertuig met meer dan twee wielen links inhalen. Je mag dus wel een tweewielige motorfiets inhalen, maar omgekeerd mag die motorfiets jou niet inhalen.
Het inhaalverbod geldt tot en met het eerstvolgende kruispunt, of tot je het tweede verkeersbord ziet.

Dit soortgelijk verbodsbord heeft dezelfde betekenis, maar dit is enkel geldig voor een vrachtwagen of sleep met een MTM van meer dan 3500 kg.
Je mag met je auto dus wel een vrachtwagen inhalen.
Inhalen kan verboden worden door verkeersregels
Overwegen

Op een onbewaakte overweg mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Je mag wel inhalen als de overweg bewaakt is met verkeerslichten of slagbomen.
Kruispunten waar voorrang van rechts geldig is

Op kruispunten waar voorrang van rechts geldt mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Dat zijn kruispunten waar geen borden staan die de voorrang regelen, of waar het getoonde bord staat.
Kruispunten waar je voorrang moet geven

Op kruispunten waar jij voorrang moet geven mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Nabij de top van een helling

Nabij de top van een helling mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Je mag wel inhalen als dat kan zonder op het gedeelte van de tegenliggers te rijden, bijvoorbeeld wanneer er twee rijstroken in jouw rijrichting zijn.
Een steile helling kan aangeduid worden met dit gevaarsbord, maar ook zonder dat bord blijft het verbod van kracht.
In bochten

In bochten met weinig zichtbaarheid mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Je mag wel inhalen als dat kan zonder op het gedeelte van de tegenliggers te rijden, bijvoorbeeld wanneer er twee rijstroken in jouw rijrichting zijn.
Tripleren

Je mag geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen wanneer dat zelf bezig is een ander voertuig in te halen.
Je mag wel inhalen als die een fiets, tweewielige bromfiets of tweewielige motorfiets inhaalt. Ook mag je inhalen als er minstens drie rijstroken in jouw rijrichting zijn zoals bijvoorbeeld op een snelweg.
Oversteekplaatsen

Je mag geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen wanneer dat een oversteekplaats voor voetgangers of fietsers nadert en daar stopt.
Ook als je zelf geen voetgangers of fietsers ziet, geldt het verbod.
Verhoogde inrichtingen

Op verhoogde inrichtingen mag je geen gespan, tweewielig motorvoertuig of voertuig met meer dan twee wielen inhalen.
Hoe moet je inhalen?
Controleer of je veilig kan inhalen

Zijn er geen verkeersborden of verkeersregels die het inhalen verbieden? Controleer dan dat niemand anders je aan het inhalen is.

Controleer dat de weg over voldoende afstand vrij is, zijn de tegenliggers nog ver genoeg weg?

Controleer dat je terug naar rechts kan zonder anderen te hinderen, rijdt er bijvoorbeeld een lange rij auto’s voor je?
Gebruik je richtingaanwijzers

Als je gecontroleerd hebt of je veilig kan inhalen, mag je beginnen.
Zet je linker richtingaanwijzer aan en rij naar de linkerrijstrook. Zodra je daar rijdt, zet je je richtingaanwijzer weer uit.

Als je het andere voertuig voorbij bent, zet je je rechter richtingaanwijzer aan en rij je naar de rechterrijstrook. Zodra je daar rijdt, zet je je richtingaanwijzer weer uit.
Denk aan de zijdelingse afstand
Binnen de bebouwde kom

Wanneer je binnen de bebouwde kom een fietser, tweewielige bromfietser of voetganger inhaalt, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1 meter bewaren.
Dat geldt ook voor voetgangers die op de rijbaan stappen. Kun je die afstand niet bewaren, dan mag je enkel stapvoets rijden.

Ook wanneer de fietser op een (smal) fietspad rijdt, moet je binnen de bebouwde kom minstens 1 meter zijdelingse afstand bewaren.
Buiten de bebouwde kom

Wanneer je buiten de bebouwde kom een fietser, tweewielige bromfietser of voetganger inhaalt, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1,5 meter bewaren.
Dat geldt ook voor voetgangers die op de rijbaan stappen. Kun je die afstand niet bewaren, dan mag je enkel stapvoets rijden.

Ook wanneer de fietser op een (smal) fietspad rijdt, moet je buiten de bebouwde kom minstens 1,5 meter zijdelingse afstand bewaren.
Mag je meerdere voertuigen tegelijkertijd inhalen?
Op een gewone rijbaan

Na het inhalen keer je zo snel mogelijk terug naar de rechterrijstrook. Kan dat niet omdat de voertuigen voor jou dicht op elkaar rijden, dan mag je ze tegelijkertijd inhalen.
Op rijbanen met tweerichtingsverkeer met minstens vier rijstroken

Als er meerdere rijstroken in jouw rijrichting zijn, hoef je niet onmiddellijk terug te keren naar de rechterrijstrook.
Haal je bijvoorbeeld je voorligger in en rijdt er kort daarna nog een andere auto, dan mag je even op de linkerrijstrook blijven rijden.
Op rijbanen met éénrichtingsverkeer

Op rijbanen met éénrichtingsverkeer hoef je niet onmiddellijk terug naar rechts.
Haal je bijvoorbeeld je voorligger in en rijdt er kort daarna nog een andere auto, dan mag je even op de linkerrijstrook blijven rijden.
Mag je ook rechts inhalen?
Spoorvoertuigen

Een spoorvoertuig zoals een tram mag je rechts inhalen.

Kan het niet langs rechts omdat de doorgang te smal of geblokkeerd is? Dan mag je de tram wel inhalen langs links.
Je voorligger slaat links af

Als je voorligger zijn richtingaanwijzer heeft opgezet en al naar links is opgeschoven, mag je hem rechts inhalen als dat veilig kan.
Let er wel op dat je daarbij geen overtredingen begaat, zoals over het fietspad of het voetpad rijden.
Over de gelijkgrondse berm rijden mag wel, maar hou altijd voldoende zijdelingse afstand.
Verkeersborden
Je moet het type en betekenis van elk verkeersbord kennen, weten voor wie het geldt en op welk deel van de rijbaan het van toepassing is. Het nummer van het bord hoef je natuurlijk niet te kennen.

Verbodsbord C35
Vanaf het verkeersbord tot en met het volgend kruispunt, verboden een gespan of een voertuig met meer dan twee wielen, links in te halen.

Verbodsbord C37
Einde van het verbod opgelegd door het verkeersbord C35.

Verbodsbord C39
Vanaf het verkeersbord tot en met het volgend kruispunt, verbod voor bestuurders van voertuigen of slepen gebruikt voor het vervoer van zaken, waarvan de MTM meer dan 3.500 kg bedraagt, een gespan of een voertuig met meer dan twee wielen links in te halen.

Verbodsbord C41
Einde van het verbod opgelegd door het verkeersbord C39.

Voorrangsbord B17
Voorrang van rechts op het eerstvolgende kruispunt.

Voorrangsbord B1
Voorrang verlenen.

Voorrangsbord B5
Stoppen en voorrang verlenen.

Gevaarsbord A3
Gevaarlijke daling.

Gevaarsbord A5
Steile helling.

Gevaarsbord A1a
Gevaarlijke bocht naar links.

Gevaarsbord A1b
Gevaarlijke bocht naar rechts.
Klaar om te oefenen?
Je hebt dit onderdeel afgerond. Test je kennis met 106 oefenvragen.
Oefenvragen starten- VorigeVerboden en verplichte rijrichting
- VolgendeOefeningen






