Kruisen en afslaan
Wat is kruisen?

Wanneer twee voertuigen elkaar op dezelfde rijbaan uit tegenovergestelde richting tegenkomen, spreken we van kruisen.
Hoe moet je kruisen?
Bewaar voldoende zijdelingse afstand

Kruisen gebeurt normaal langs rechts.
Je moet voldoende zijdelingse afstand laten. Is de rijbaan te smal, dan mag je gebruik maken van de gelijkgrondse berm, op voorwaarde dat je daarbij niemand in gevaar brengt.
Het fietspad, het voetpad, een parkeerstrook, ... gebruiken mag niet.
Een kruispunt zonder wegmarkeringen

Moet je kruisen op een kruispunt zonder wegmarkeringen, dan doe je dat langs rechts.
Je rijdt je tegenligger langs rechts voorbij en draait pas af achter hem.
Een kruispunt met wegmarkeringen

Moet je kruisen op een kruispunt met wegmarkeringen? Dan volg je de pijlen.
Je kruist in dit voorbeeld voor elkaar.
Kruisen van fietsers of tweewielige bromfietsers

Wanneer je binnen de bebouwde kom een fietser of tweewielige bromfietser kruist, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1 meter bewaren.

Wanneer je buiten de bebouwde kom een fietser of tweewielige bromfietser kruist, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1,5 meter bewaren.
Kruisen van voetgangers

Wanneer je binnen de bebouwde kom een voetganger op de rijbaan kruist, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1 meter bewaren.
Kun je die afstand niet bewaren, dan mag je enkel stapvoets rijden.

Wanneer je buiten de bebouwde kom een voetganger op de rijbaan kruist, moet je een zijdelingse afstand van minstens 1,5 meter bewaren.
Kun je die afstand niet bewaren, dan mag je enkel stapvoets rijden.
Hoe moet je afslaan?
Rechts afslaan

Als je rechts wil afslaan, kijk je eerst in je spiegels, zet je de richtingaanwijzer aan, vertraag je en blijf je zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan.
Vlak voor je afslaat, kijk je nog eens in je spiegels en controleer je zeker ook je dode hoek.

Wanneer je rechts afslaat, moet je zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan blijven. Als er meerdere rijstroken zijn, neem je dus de rechterrijstrook.
Enkel binnen de bebouwde kom mag je zelf kiezen welke rijstrook je neemt.

Wanneer je rechts afslaat en er meerdere afslaande rijstroken zijn, moet je je rijstrook volgen. Blijf dus in je rijstrook: rechts blijft rechts, links blijft links.
Links afslaan

Als je links wil afslaan, kijk je eerst in je spiegels, zet je de richtingaanwijzer aan, vertraag je en stel je je links op zonder de tegenliggers te hinderen.
Vlak voor je afslaat, kijk je nog eens in je spiegels en controleer je zeker ook je dode hoek.

In een eenrichtingsstraat waar je geen tegenliggers kan tegenkomen, mag je dus helemaal links gaan staan.

In een eenrichtingsstraat waar je toch tegenliggers kan tegenkomen, zoals in dit voorbeeld fietsers of speedpedelecs, moet je rekening houden met de zijdelingse afstand tijdens het kruisen. Je mag dus niet helemaal links gaan rijden.
Binnen de bebouwde kom moet je daarbij een zijdelingse afstand van minstens 1 meter bewaren.

Buiten de bebouwde kom moet je een zijdelingse afstand van minstens 1,5 meter bewaren.

Wanneer je links afslaat, moet je zo ruim mogelijk afslaan, zodat je rechts rijdt op de rijbaan die je inslaat. Als er meerdere rijstroken zijn, neem je dus de rechterrijstrook.
Enkel binnen de bebouwde kom mag je zelf kiezen welke rijstrook je neemt.

Wanneer je links afslaat en er meerdere afslaande rijstroken zijn, moet je je rijstrook volgen. Ook als er na het afslaan meer rijstroken zijn, blijf je in je rijstrook: de rechterrijstrook komt rechts uit, de linkerrijstrook in het midden.
Klaar om te oefenen?
Je hebt dit onderdeel afgerond. Test je kennis met 31 oefenvragen.
Oefenvragen starten- VorigeAfstand
- VolgendeVerboden en verplichte rijrichting

